Na bijna twee eeuwen onafgebroken havenuitbreiding is Antwerpen uitgegroeid tot een maritiem-logistiek en industrieel cluster van wereldformaat. De havengeschiedenis toont aan dat deze evolutie gepaard ging met groeiversnellingen maar ook met perioden van stagnatie en zelfs terugval. De belangrijkste havenoperatoren zijn er echter telkens in geslaagd om de haveneconomie weer op een groeipad te brengen via productinnovatie, uitbreiding van het productassortiment en omvangrijke investeringen in infra- en superstructuur.
Door de expansie van het afgelopen anderhalve decennium en na de ingebruikname van de "Ontwikkelingszone Saeftinghe" zal de haven echter haar fysieke grenzen bereiken. Voor het eerst worden beleidsmakers geconfronteerd met het begrip 'eindigheid' in de havenplanning. 'Eindigheid' is echter eerder een uitdaging dan een probleem. Om verder te groeien zullen inbreiding, herbestemming en investeringen de sleutelwoorden van de toekomst zijn samen met duurzaamheid. Want als het begrip 'eindigheid' een plaats krijgt in het havendiscours, zal het concept 'duurzaamheid' onvermijdelijk sterk aan belang winnen.
Maar tegelijkertijd is de haven in zekere zin ook slachtoffer geworden van haar succes. De enorme oppervlakte en de indrukwekkende goederenstromen creëren zware uitdagingen op het vlak van capaciteit, milieu en efficiëntie van het logistieke proces. Wil de haven haar steun bij het brede publiek behouden, dan zijn fundamentele oplossingen nodig. Tegelijkertijd nopen de snelle veranderingen in de wereldeconomie en de opkomst van nieuwe waarden beleidsvoerders en ondernemers andere accenten te leggen.
Kortom, de haven zal enkel een mainport kunnen blijven door op de huidige oppervlakte en de toekomstige Ontwikkelingszone Saeftinghe almaar meer trafieken en industriële en logistieke activiteiten een plaats te geven. Daarnaast moet ook de maritieme en continentale bereikbaarheid van de haven op langere termijn worden verzekerd en is het cruciaal de externe effecten van de havenactiviteiten op water, lucht en bodem minimaal te houden. Tot slot blijft de havengemeenschap een belangrijke werkgever. De strijd voor talent zal onverminderd voortwoeden.
Komen er geen antwoorden op deze uitdagingen, dan bestaat het risico dat de haven haar rol als economisch centrum verliest. Een herstructureringsproces is dan het logische gevolg. Het eerste scenario geniet uiteraard de voorkeur, al is het maar omdat het mainportscenario veruit de meeste baten voor de gemeenschap met zich meebrengt op economisch, sociaal en ecologisch gebied.